Gebouw monografie kantoor

J.J.P. Oud's Shell Building

Het Shell-gebouw – ontwerpproces en culturele context

Een publicatie gewijd aan een enkel gebouw, het hoofdkantoor voor Shell in Den Haag. Met zijn ontwerp voor het Shell-gebouw aan de Wassenaarseweg 80 (het toenmalige BIM-kantoor) onderzocht architect J.J.P. Oud de monumentale, representatieve waarde van het naoorlogse kantoorgebouw. Daarmee gaf hij weer betekenis aan een monumentaal stadsbeeld, een stadsbeeld dat iets duidelijk maakt over de opbouw van de maatschappij en de krachten die daar in werkzaam zijn. Het tot uiting brengen van grote internationale ondernemingen is daar een onderdeel van. In de publicatie onderzoeken Ed Taverne en Dolf Broekhuizen niet alleen nauwgezet het ontwerpproces maar ook de toenmalige internationale discussie over de ‘New Monumentality’ en de naoorlogse opleving van De Stijl. Op die wijze belichten zij commerciele, ideologische en typologische aspecten van het naoorlogse kantoorgebouw in de context van de toenmalige maatschappij en
culturele discussie.

Ed Taverne en Dolf Broekhuizen, Het Shell-gebouw van J.J.P. Oud, Ontwerp en receptie. J.J.P. Oud’s Shell-Building. Design and Reception, Rotterdam NAi Publishers 1995

ISBN: 90-72469-73-9
ISBN (Engels): 90-72469-73-9

lees hier: boekbespreking in de Architect, mei 1996, p. 78-79

Review:
Over het Shell-gebouw [...] schreven Ed Taverne en Dolf Broekhuizen een boek met allure. Het boek behandelt de geschiedenis van ontwerp en bouw, om af te sluiten met een lang essay over de receptie van het gebouw. ‘Architectuur en ontroering’ is de titel van het essay. [...] Taverne en Broekhuizen hebben met hun tweetalige boek over Oud, waarin naast de Nederlandse tekst ook de Engelse versie is afgedrukt, impliciet eer betoond aan de oude meester, en eerherstel bepleit. Terecht.’
door: Tessel Pollmann, in: Low Countries Historical Review/ Bijdragen en mededelingen betreffende de geschiedenis der Nederlanden, 1997, vol 112, nr 3, p.458-46

bekijk hier: reconstructie uitbreiding Shell-gebouw

Deze publicatie en onderzoek kwamen mede tot stand dankzij de financiele bijdragen van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) en het Stimuleringsfonds voor Architectuur, Rotterdam

Dolf Broekhuizen